Verlof en verloftoetsing

Deze hoofdrubriek bevat 3 rubrieken:

Verlof en verloftoetsing

Om als tbs-gestelde in aanmerking te komen voor verlof stelt de kliniek een verlofaanvraag op. De verlofaanvraag wordt vervolgens toegestuurd naar de Divisie Individuele Zaken, Verblijf buiten de inrichting, (verder: VBI) van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). De VBI beoordeelt de aanvraag op procedurele aspecten. Vervolgens wordt de aanvraag voorgelegd aan het Adviescollege Verloftoetsing TBS, dat een advies uitbrengt. Het hoofd van de VBI beslist daarna namens de minister.

Resocialisatie

De verloftoetsing door het adviescollege staat in het teken van resocialisatie. Resocialisatie betekent een dat de tbs-gestelde op een veilige en verantwoorde wijze terugkeert in de samenleving. Resocialisatie begint met begeleid verlof. De verschillende soorten verlof worden onder "Soorten verlof" nader uiteengezet.

Stappen verlofaanvraag

De toekenning van verlof bestaat uit diverse stappen. Deze stappen worden hierna in hoofdlijnen toegelicht.

  • De kliniek waarin de tbs-gestelde verblijft, brengt de verlofaanvraag uit. De behandelcoƶrdinator of het hoofd behandeling stelt de verlofaanvraag op nadat de aanvraag is besproken in een multidisciplinair behandelteam. De verlofaanvraag wordt vervolgens besproken in de zogenaamde centrale verlofvergadering of verlofcommissie van de kliniek. Na deze consensusbespreking (intercollegiale toets) van het voorgestelde verlof stuurt de kliniek de verlofaanvraag naar de Divisie Individuele Zaken, Verblijf buiten de inrichting van de Dienst JustitiĆ«le Inrichtingen (VBI).

  • De VBI beoordeelt of de aanvraag voldoet aan de formele vereisten zoals neergelegd in het Verloftoetsingskader Tbs. Indien aan de vereisten is voldaan en de stukken compleet zijn, zendt de VBI de aanvraag naar het adviescollege. Als er eventueel stukken ontbreken, worden deze bij de kliniek opgevraagd.

  • Het adviescollege toetst de verlofaanvragen. Daarbij besteedt het college onder meer aandacht aan het indexdelict, de delictanalyse, de diagnostiek, het behandelplan dat de kliniek voor ogen heeft en de plaats van het verlof daarbinnen, de risicoanalyse en het risicomanagement. Het adviescollege houdt een aanvraag aan als er informatie ontbreekt die van belang is voor het verstrekken van een advies. Het adviescollege motiveert zijn adviezen aan de hand van de hiervoor genoemde onderwerpen en brengt zijn advies uit aan de minister van Justitie. Het advies van het college luidt positief of negatief. De adviezen worden aan het hoofd van de VBI gestuurd die namens de minister de uiteindelijke beslissing neemt.
    De toets die het hoofd van de VBI daarbij uitvoert, is een marginale. Het hoofd van de VBI kan van een positief advies van het college afwijken. Daarvoor moet wel een motivatie gegeven worden. Een negatief advies van het adviescollege moet door de minister worden overgenomen (artikel 7, lid 1 van het Instellingsbesluit). Als het hoofd van de VBI negatief beslist na een positief advies van het college, is sprake van een zogeheten contraire beslissing.